Kleding naaien met naaipatronen

Kleding naaien met een papieren of pdf naaipatroon

Je bent helemaal klaar voor het vullen van je kast met DIY kleding en dus heb je een naaipatroon nodig. Maar hoe ga je met zoiets aan de slag? Ik vertel het je hier in de 5 belangrijkste stappen.

1. Een naaipatroon kiezen: pdf vs papieren patronen

2. De juiste maat kiezen

3. Het patroon overnemen op papier

4. Het patroon op stof spelden en naadwaarde toevoegen

5. Het patroon uit stof knippen en naaien

Een naaipatroon kiezen: pdf vs papieren patronen

De voordelen van digitale naaipatronen

Soorten patronen

Dankzij de groei die hobbynaaien de laatste 10 jaar heeft doorgemaakt vind je online en in je favoriete stoffenwinkels allerhande naaipatronen. Patronen in magazines, patronen door indie (= independent) designers zoals mezelf, Nederlandstalige patronen en patronen in het Engels of Frans. Al die variaties zijn verkrijgbaar in papieren en/of in digitale versies. Je weet waarschijnlijk wel wat je kan verwachten van een papieren naaipatroon maar zo'n pdf exemplaar: wat is het precies, hoe werkt het en waarom zou je voor die vorm kiezen?

Net zoals bij een papieren naaipatroon, krijg je bij de digitale variant na aankoop niet alleen een handleiding maar uiteraard ook het patroon zelf. Anders dan bij een papieren patroon gaat het om pdf documenten die je op je computer bewaart. Wil je de handleiding printen dan kan dat, maar dat hoeft niet. Het patroonblad print je uiteraard sowieso wel.

Onmiddellijk en met slechts 1 maat aan de slag

Eén van de grote voordelen van digitale patronen is de mogelijkheid om na aankoop onmiddellijk aan de slag te gaan. Stel dat je op zondagochtend online op die heerlijke Odile :-) stoot en je die eigenlijk nog diezelfde avond wil dragen voor een apéro met vrienden. Met digitale patronen kan dat!

Na je aankoop krijg je automatisch en onmiddellijk een link toegestuurd waarmee je de pdf bestanden die je aankocht kan downloaden. Daarin zit niet alleen het grote patroonblad dat je kan laten plotten in een copycenter of stoffenwinkel, maar ook een A4 versie die jij thuis zelf kan printen. Zo'n versie bestaat uit meerdere pagina's die als een puzzel in elkaar passen. Jij knipt enkele randen weg, kleeft de bij elkaar horende tekentjes tegen elkaar and you're good to go! 

Een extra - en wat mij betreft zowat het grootste - voordeel bij de meeste digitale patronen is de mogelijkheid om enkel die maat te printen die jij nodig hebt. Dat betekent dat je dat patroon na het aan elkaar kleven van enkele blaadjes onmiddellijk kan uitknippen en overtekenen er niet meer aan te pas hoeft te komen. In zo goed als elk Zonen 09 patroon zit die optie intussen verwerkt en in de handleiding vertel ik je stap voor stap hoe je dat precies doet én hoe je er zeker van bent dat je patroon op een correcte manier wordt geprint. Allemaal poepsimpel, geloof me!

Gratis automatische updates

Komt er een update van een patroon omdat er een foutje in geslopen is of omdat de huisstijl wordt aangepast (wat bij Zonen 09 het geval is en waardoor elk patroon in de komende maanden sowieso een update krijgt), dan krijg jij - slimme eigenaar van een digitaal patroon - die update automatisch en gratis toegestuurd. Say what?!

Indestructible

En om mijn pleidooi voor digitale patronen af te sluiten: ze zijn onverwoestbaar! Papieren patronen kunnen scheuren, nat worden en zien er na een tijd vaak niet meer uit, maar die pdf bestanden zijn voor 't leven! 

De juiste maat kiezen

De juiste maat kiezen wanneer je zelf kleding naait

Voor je effectief aan de slag gaat met een naaipatroon voor een kledingstuk moet je weten met welke maat je aan de slag moet. In elk naaipatroon vind je dan ook een maattabel terug en de instructie om op basis van meestal één bepaalde lichaamsmaat de goede maat uit die tabel te selecteren.

Bij bovenstukken is de belangrijkste maat de borstomtrek die volledig horizontaal over het breedste deel van de borstkas of over de tepels wordt gemeten. Bij onderstukken is de belangrijkste maat de heupomtrek die volledig horizontaal over het breedste deel van de billen wordt gemeten. Lichaamsmaten neem je het best op met enkel ondergoed aan waarbij je twee vingers tussen de lintmeter en het lichaam houdt.

Wil je nog wat meer info over hoe maattabellen tot stand komen en hoe ze zich verhouden tot de afgewerkte afmetingen van een kledingstuk? Lees dan zeker hier verder.

Het patroon overnemen op papier

Hoe neem je een patroon over op papier?

De knoop over de te maken maat heb je doorgehakt, nu is het tijd om die maat in papieren vlakken om te zetten die je daarna op stof zal spelden. Printte je zelf enkel jouw maat aan de hand van een digitaal patroon dan heb je in deze fase enkel nog wat knipwerk voor de boeg. Werk je met een papieren patroon of wil je wat je printte sowieso nog overnemen op ander papier dan neem jij er nu eerst nog wat doorzichtig patroonpapier en een potlood bij.  

Leg het doorzichtig patroonpapier op het grote patroonblad en neem de patroondelen en merktekens (= specifieke aanduidingen binnen zo'n patroondeel, bijvoorbeeld de plaats waar een zakje op gestikt moet worden) over op dat papier volgens de gekozen versie (soms heb je niet alle patroondelen nodig, welke wel wordt dan duidelijk in de handleiding) en de gekozen maat. Ben je daar klaar mee dan kun je nu elk papieren patroondeel met een papierschaar uitknippen. 

Afhankelijk van jouw specifieke lichaamsmaten of die van de gelukzak waar jij voor naait, pas je het patroon nu en dus voor je het uit stof knipt, nog wat aan. Welke aanpassingen nuttig kunnen zijn, staan vast en zeker vermeld in je handleiding. 

Het patroon op stof spelden en naadwaarde toevoegen

Hoe speld je een patroon op stof en voeg je naadwaarde toe?

Voorwassen en materiaal verzamelen

De papieren patroondelen zijn good to go en liggen samen met de gekozen stof voor je op een werkblad dat groot genoeg is en zo vriendelijk mogelijk voor je rug. Die stof heb je idealiter voorgewassen of geef je een hele goede stoombeurt met je strijkijzer. De meeste stoffen, zeker degene waar katoen in zit, hebben een krimppercentage dat heel wat invloed kan hebben op de afmetingen van je stof. Was je ze voor dan vermijd je dat de vruchten van jouw harde labeur na een eerste wasbeurt 2 maten kleiner uit die wasmachine haalt.

Patroon: check. Stof: check. Wat hebben we dan nu nog nodig om aan het echte knipwerk te beginnen: kopspelden, kleermakerskrijt, een zoommaatje, drieggaren, een stofschaar en eventueel een geodriehoek of omnigrid. Alles verzameld? Then let's do this!

Draadrichting en dessin respecteren

De recht van draad volgen bij het spelden van patroondelen op stof

De stof leg je mooi plat en vouw je dubbel met de goede (kant naar binnen. Breng je straks kleermakerskrijt aan dan is dat al handig verstopt op de verkeerde kant van de stof. Überbelangrijk bij het spelden van je patroondelen op stof is het respecteren van de draadrichting die op die patroondelen met een pijl staat aangegeven. Die pijl moet parallel liggen aan de zelfkant van je stof. 

Werk je met een stof met een 'vleug' (zoals velours) of een dessin in 1 richting? Dan is het belangrijk dat je patroondelen ook allemaal in dezelfde richting worden gelegd. Op die manier wijzen alle haartjes van de stof in dezelfde richting en staan alle bloemen in bloei.

Ben je overstag gegaan voor strepen of ruiten, zorg er bij het spelden van patroondelen die je later aan elkaar moet zetten (denk aan zijnaden, binnenbeennaden, sluitranden, ...) dan voor dat de onderrand op dezelfde streep ligt. Op die manier is de kans groot dat de lijnen na het stikken mooi doorlopen.

Moet je patroondelen 'op de vouw' spelden dan betekent dit dat 1 lijn (vaak middenvoor of middenachter) van je patroondeel net op de vouw gelegd moet worden. Na het knippen vouw je de stof open en heb je een perfect symmetrisch patroondeel. Magico!

Let er bij het spelden van je patroondelen tenslotte op dat je zo zuinig mogelijk speldt maar wel rondom elk patroondeel voldoende ruimte voorziet voor het toevoegen van naad- en zoomwaarde in de volgende stap.

Naadwaarde toevoegen

Naadwaarde en zoomwaarde toevoegen aan patroondelen

Nu alle patroondelen met voldoende speldjes op de stof vast zitten, voeg je met kleermakerskrijt naadwaarde en zoomwaarde toe volgens de instructies in je handleiding. Naadwaarde is over het algemeen 1 à 2 cm, afhankelijk van het soorten naden je maakt. Zoomwaarde is meestal zo'n 3 à 4 cm.

In elk geval is het goed om het advies in de handleiding bij je patroon te volgen. Vaak zit er een gedachtegang achter waar je in het begin nog geen zicht op hebt en doe pas later (soms pijnlijk) duidelijk wordt...

Het patroon uitknippen en naaien

Alle stappen bij het knippen van een naaipatroon uit stof

Waarschijnlijk heb je intussen door dat naaisters badass doorzetters zijn en dat er bij dat DIY'en heel wat meer komt kijken dan gezellig met een wijntje achter je naaimachine zitten. Helaas resten je ook nu nog twee belangrijke taken voor je erin kan vliegen maar hey... dat einde (of het begin) is nu echt wel in zicht!

Patroondelen uit de stof knippen

Patroondelen uit stof knippen

Easy peasy, je volgt gewoon de lijnen die je zelf met kleermakerskrijt hebt toegevoegd en je probeert zo recht mogelijk te knippen. Gelukkig is dat glas wijn dus pas voor straks.

Merktekens aanduiden

Manieren om merktekens op je stof aan te duiden

Op de meeste patroondelen staan merktekens aangeduid. Dat kunnen tekens zijn die je tonen waar een zak op een pand gestikt moet worden, die lange zijnaden onderverdelen in even lange stukken, die tonen welk punt van je armsgat met de mouwkop verbonden moet worden, die figuurnaden aanduiden, enzovoort. Allemaal erg belangrijke en vooral behulpzame elementen die je van papier op stof overneemt. Niets zo vervelend als eindelijk klaar zijn voor het echte stikwerk om dan weer op zoek te moeten naar merktekens waarvan je dacht dat ze toch niet nodig waren.

Dat overnemen van merktekens kan met krijt, speldjes, driegdraad, een knipje van de schaar (waarbij je uiteraard binnen de naadwaarde blijft). Zelf geef ik de voorkeur aan een combi van knipjes en driegdraad. Knipjes gebruik ik in de naadwaarde van tricotstoffen waarvan ik de naden eerst stik en dan pas afwerk. Driegdraad gebruik ik voor tekens die niet op de rand maar middenin het patroondeel liggen (bv. een neeppunt of het inknippunt voor een split) en voor merktekens in de randen van stof waarvan ik de randen eerst overlock voor ik ze aan elkaar stik. Mocht ik daar knipjes geven dan vind ik die achteraf niet meer terug.

Hallelujah... naaien!

Je kan het waarschijnlijk zelf niet geloven maar het is echt waar, jij mag je NU achter je naaimachine kruipen. Er komt hier en daar waarschijnlijk nog wat verstevigen aan te pas en sowieso gaan we de benen na elk stiksel richting strijkplank strekken maar laat dat de pret niet bederven. Neem er je handleiding bij en geniet!